mediastudies
nl / en

Nieuwe media en digitale cultuur

Nieuwe media en digitale cultuur is gespecialiseerd in de studie van digitale media in de geesteswetenschappen en richt zich op kwesties in de digitale geesteswetenschappen, informatie-esthetiek en -visualisatie, internetstudies, mediakunst, mediageschiedenis, mediatheorie, sociale media, virtuele etnografie, dataculturen en de politiek van de code. Er is een sterk praktische component waarbij impliciete kennis en up-to-date ervaring in webcultuur worden beschouwd als essentiële vaardigheden. Het bestuderen en het behendige gebruik van web-gebaseerde applicaties zoals blogs, wiki’s en software-tools zijn aandachtspunten, net als onderzoekspraktijken die de diagnose stellen van online platforms en apparaten, zoals zoekmachines en social media sites.

Meer specifiek houdt Nieuwe media en digitale cultuur aan de Universiteit van Amsterdam zich bezig met onderzoekstrategieën voor een kritische studie van de internetcultuur. Het onderwijs- en onderzoeksteam is gespecialiseerd in twee onderzoekslijnen. De eerste, die van de kritische digitale cultuur- en mediatheorie, richt zich zowel op transformaties in web- en mobiele cultuur, locatieve media en digitale esthetiek als op de verhouding tussen nieuwe media en politiek. Deze lijn onderzoekt sterk variërende onderwerpen zoals de gevolgen van de opkomst van de ‘walled gardens’ op het open web en de zogenaamde ‘new aesthetic’, met haar nieuwe dominante visuele taal en grammatica.

De tweede onderzoekspoot, digitale methoden, concentreert zich niet alleen op van oorsprong digitale objecten als hyperlink, tag, vind ik leuk en tweet), maar ook op mediumspecifieke methoden en technieken zoals folksonomy en crowd-sourcing.

Het programma participeert in de huidige discussies over ‘big data’, ‘thick data’ en ‘long data’ en richt zich daarbij met name op de onderzoeksmogelijkheden van online-dataculturen, waarbij de nadruk ligt op het inzetten van platforms en zoekmachines als methoden voor culturele, artistieke en empirische onderzoekinterventies.